zondag 16 juli 2023

Brief aan Asjer, 23 juni 2023

In navolging van vader Max en dochter Natascha van Weezel, die – eerst op de Jonetwebsite en later in dagblad Trouw – een correspondentie met elkaar voerden, zijn mijn zoon Asjer en ik een briefwisseling gestart. Onze brieven zijn te lezen in het NIW (Nieuw Israëlietisch Weekblad). Na een week plaats ik ze door in dit blog.


Lieve Asjer,

Dat reizen bevalt ons wel … Als je deze brief leest, zijn we bijna weer thuis, maar ik schrijf je vanuit Montagnac, waar we dit jaar voor een hele maand zijn neergestreken.

Eigenlijk is het wel grappig. We zitten hier in een erg niet-Joodse omgeving en toch – of misschien juist daardoor – lijkt de hang naar Joods leven soms sterker dan thuis. In Amstelveen is onze Joodse leefstijl een stuk makkelijker dan hier in het overwegend katholieke Zuid-Frankrijk. Ik moest een paar keer denken aan wat jij schreef, dat die oude rabbijnen misschien toch een punt hadden met de ideeën van kasjroet en sjabbat. Ja, dat hadden ze natuurlijk. Dat werd me eens te meer duidelijk toen ik weer eens merkte dat het naleven van de regels, op de manier die wij gewend zijn, hier moeilijker is. “Het is geen poging om jou (…) een vromer leven te laten leiden,” voegde je eraan toe. Gelukkig maar, want dat lukt tijdens zo’n vakantie zeker niet.

De Franse keuken is geweldig, je kunt hier heerlijk eten. Maar diezelfde Franse keuken heeft zich al heel lang niet ontwikkeld, de menu’s zijn al tientallen jaren hetzelfde. Ik neem aan dat het in grote steden anders is, maar als je vegetariër bent en naar een restaurant wilt, heb je het hier vaak moeilijk. Voor ons, met onze ‘kosher-style-mesjoggaas’ is dat al niet anders. We hebben eerder deze week een restaurant dat ons was aanbevolen, weer verlaten, nadat we het menu hadden bekeken. Op één gerecht na alleen chazzer! Bij het buur-restaurant gaf de kaart meer mogelijkheden, maar het was een rare ervaring.

Twee dagen later ging ik zelf in de fout. Ik bestelde een heerlijk voorgerecht. Helemaal vegetarisch, dacht ik. Toen het voor me werd neergezet, zag ik iets dat toch wel erg op vlees leek. Dat bleek ook zo te zijn, ik had het woord soubressade voor een bereidingswijze versleten, maar het bleek een soort chorizo te zijn. De serveerster nam mijn bord mee terug maar begreep mijn uitleg niet. Vond ik het niet lekker, vroeg ze?

Ook bij vrienden van M., die wij inmiddels vrij goed kennen en ook een beetje als ónze vrienden beschouwen, is er een zekere mate van onbegrip. Zeker geen onwil. Als we van tevoren nog eens uitleggen wat we wel en niet eten – dat doen we iedere keer opnieuw – houden ze daar zeker rekening mee. Ze zorgen dat er ook voor ons altijd wat te eten is. Maar begrijpen? Nee. Van M. horen we dat ze haar vaak vragen waarom wij dit of dat niet eten. Ze willen ons ook steeds meenemen naar Bouzigues, een kuststadje dat befaamd is om zijn fruits-de-mer. Maar tsja, een restaurant waar we kunnen kiezen tussen mosselen en oesters, dat wordt het niet.

Toen we hier nog maar net een paar dagen waren, was het Sjawoe’ot. Voor veel sjoelgaande Joden is dit een beetje het ondergeschoven kindje van de Sjalosj regaliem, de drie pelgrimsfeesten. Pesach en Soekot vieren ze vaak wel, Sjawoe’ot niet. Wij hebben dat bewust wel altijd gedaan, vooral toen jij en je zus klein waren. We wilden geen ‘rangorde’ instellen en de ene feestdag belangrijker maken dan de andere.

Toch is Sjawoe’ot dit jaar geheel aan ons voorbijgegaan. We hadden naar sjoel kunnen gaan, maar het kwam er niet van. Nou ja, dat is een beetje flauw, we zijn gewoon niet gegaan. De dichtstbijzijnde sjoel is in Béziers. We zijn daar al eens geweest, het is iets meer dan een half uurtje rijden, ik kan hem bijna blindelings vinden. Het bijwonen van de sjoeldienst daar trok me totaal niet aan. Om de een of andere reden voel ik me er niet thuis. Ik moet er nog eens goed over nadenken waarom niet, daar ben ik nog niet achter.

Gelukkig is Frankrijk ook het land van de meest verrukkelijke kazen. Ik heb op Sjawoe’ot een paar stukken extra genomen, dat moest dit jaar het jontefgevoel teweegbrengen. Volgend jaar zal ik proberen m’n leven te beteren. Maar een vromer leven? Dat zit er niet in hoor.

Je liefhebbende vader,

Michel

Deze brief verscheen eerder als column in het NIW (Nieuw Israëlietisch Weekblad) van 23 juni 2023.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten