vrijdag 19 juni 2026

Brief van Asjer, 12 juni 2026

In navolging van vader Max en dochter Natascha van Weezel, die elkaar – eerst op de Jonetwebsite en later in dagblad Trouw – brieven schreven, voeren mijn zoon Asjer en ik een correspondentie in het NIW (Nieuw Israëlietisch Weekblad). Na een week plaats ik de brieven door in dit blog.


Lieve Pap,

Terwijl jullie genieten van het Franse leven, dompel ik mij onder in het leven in de stad achter de duinen. De eerste week bij de LJG Den Haag zit erop. Een bijzondere eerste week, want het was tegelijkertijd de week waarin een belangrijk jubileum werd gevierd. Dit jaar is het 300 jaar geleden dat de Portugese Synagoge in Den Haag werd geopend. En is het 50 jaar geleden dat de LJG Den Haag het gebouw als synagoge in gebruik nam. De vieringen die daarvoor georganiseerd werden, waren memorabele momenten. De gemeente in Den Haag bruist van het leven, en dat was goed te zien. En de eensgezindheid en het vertrouwen in de toekomst waren hartverwarmend.

In dezelfde week bezocht ik ook het evenement van Israëlactie waar de eerste twee afleveringen van het nieuwe seizoen van Fauda werden vertoond. Uniek, want het seizoen is nog lang niet op de Nederlandse Netflix te zien. De eerdere seizoenen van Fauda heb ik net als vele anderen verslonden. De zaal voor 120 man in Tuschinski die was gehuurd, was dan ook binnen no-time uitverkocht. Een andere locatie met een filmzaal met meer plaatsen bood uitkomst. Ik was dolblij, zo kon ik er toch nog bij zijn.

Vanzelfsprekend werd tijdens de avond ook geld opgehaald voor een goed doel in Israël. En dat goede doel sloot mooi aan bij de thematiek van dit nieuwe seizoen. Zonder te veel spoilers te willen weggeven: de realiteit van na 7 oktober staat in het nieuwe seizoen centraal. En dan met name de psychologische impact die dit heeft op de Israëlische bevolking. Het geld dat deze avond werd ingezameld, komt ten goede aan een organisatie die mensen helpt met het verwerken van trauma’s. Bijzonder belangrijk natuurlijk. Ik hoop dat er een mooi bedrag hiervoor kan worden overgemaakt zodat dit belangrijke werk kan worden verricht.

Het was dan ook teleurstellend dat een avond die zo’n goed doel centraal stelt – een doel waar mensen van alle soorten achtergronden zich achter kunnen scharen – voor mij enigszins besmuikt raakte door opmerkingen van de Israëlische acteur uit Fauda die voor de gelegenheid naar Nederland was gekomen en een inleidend praatje hield. Hij vond het nodig om tot twee keer toe burgemeester Halsema negatief neer te zetten voor het aanwezige publiek. Wat burgemeester Halsema te maken heeft met Fauda, met Israëlactie of het behandelen van trauma’s, is mij een raadsel. Het was bovendien zonde omdat een avond die juist verbindend kan werken op deze manier toch een politiek beladen tintje krijgt. Ergens leeft blijkbaar het idee dat wie Israëlische goede doelen wil steunen ook negatieve gevoelens koestert tegen de Amsterdamse burgemeester.

Het gebeurt mij te vaak dat belangrijke onderwerpen politiek worden gemaakt. Antisemitisme is nog zo’n voorbeeld. Debatten in de Kamer over dat onderwerp worden steevast een arena waar links en rechts vooral menen de andere partij door het slijk te kunnen halen. Voor links zijn de rechtse partijen blind voor het antisemitisme in hun eigen kringen. Vergeten ze dat het nazisme een rechtsextremistisch karakter heeft, een vorm van antisemitisme die bij rechtse partijen nog altijd welig tiert? En voor rechts zijn het juist de linkse partijen die antisemitisme in de hand werken. Door zich niet onvoorwaardelijk uit te spreken tegen de komst van een volledige migratiestop laten ze mensen toe die – zo wordt er beweerd – antisemitisme naar Nederland importeren. Antisemitismebestrijding is bovendien om een of andere reden een ‘rechts’ onderwerp geworden, waardoor linkse partijen het onderwerp zoveel mogelijk lijken te willen mijden.

Als we niet willen dat hetzelfde gebeurt rondom het steunen van goede doelen in Israël, doen we er goed aan dit soort dynamieken niet naar onze eigen evenementen te importeren. Daarvoor zijn de doelen die gesteund worden te belangrijk.

Liefs,

Asjer


Deze brief verscheen eerder als column in het NIW (Nieuw Israëlietisch Weekblad) van 12 juni 2026.

vrijdag 5 juni 2026

Brief aan Asjer, 29 mei 2026

In navolging van vader Max en dochter Natascha van Weezel, die elkaar – eerst op de Jonetwebsite en later in dagblad Trouw – brieven schreven, voeren mijn zoon Asjer en ik een correspondentie in het NIW (Nieuw Israëlietisch Weekblad). Na een week plaats ik de brieven door in dit blog.


Lieve Asjer,

Eén keer per jaar stuur ik je een brief vanuit Zuid-Frankrijk. Dit jaar misschien wel twee keer, we blijven hier een tijdje. M.’s gastvrijheid kent (bijna) geen grenzen. Nu we al een flink aantal jaren hier in hetzelfde dorp komen, worden we door de plaatselijke middenstand hartelijk welkom geheten. Bij de bakker, in het café, door de mevrouw van het groentestalletje en door de halal-slager, die meteen begon over de voetbalwedstrijd Nederland-Algerije …

Zo’n lange vakantie is heerlijk, hoewel er ook een klein nadeel is. Het leven in Nederland gaat gewoon door, zelfs als wij er niet zijn . Zo missen we ook dit jaar de Algemene Ledenvergadering van de LJG Amsterdam en waren we er niet met Sjawoeot. Dat laatste vind ik echt jammer.

Met hulp van Google Translate vonden we in de Super-U (die U doet me altijd denken aan het OU-kosjercertificaat, maar dat slaat natuurlijk nergens op) de juiste ingrediënten voor een cheese cake. Je moeder maakte een heerlijke versie. En met al die fantastische Franse kaasjes kwam het met een melkkost-maaltijd wel goed.

Maar toch ontbrak er iets: geestelijk voedsel was wel een probleem. Ik was weliswaar uitgenodigd om op Sjawoeot naar de sjoel in Béziers te komen en daar mee te doen met het lernen - heel gastvrij natuurlijk - maar daarvoor is mijn kennis van het Frans niet toereikend. Koffie of eten bestellen in het Frans gaat me uitstekend af. Een niet al te ingewikkeld gesprek met onze Franse vrienden gaat ook nog wel. Maar lérnen in het Frans … Dat is voor mij vergelijkbaar met proberen een Tour de France-etappe te fietsen op een gehuurde kinderfiets.

Op Sjawoeot herdenken we dat het Joodse volk de Tora heeft ontvangen. Terwijl ik dit schrijf, realiseer ik me dat ‘herdenken’ in Joods Nederland bijna een besmette term is geworden. Of het nu gaat om 4 mei, de Februaristaking, de Kristallnacht, of – iets heel anders – de Nakba, er schijnt altijd een hoop gedoe te moeten zijn als we het over herdenken hebben. Sjawoeot is gelukkig nog onbelast. Tijdens het lernen lukt het ons om normaal naar elkaar te luisteren, vragen te stellen, met elkaar te discussiëren. De woorden van Tora mogen ter discussie staan, op een fatsoenlijke manier.

Het contrast met het nieuws, dat ik ook hier in Frankrijk volg, kan bijna niet groter. Ik heb me wild geërgerd aan politici, ook Joodse, die zonder blikken of blozen het woord omvolking in de mond nemen. Een term die rechtstreeks afkomstig is uit het nazi-vocabulaire! Hoe kún je?

En het gaat natuurlijk niet alleen om het gebruik van dat weerzinwekkende woord. Het gaat om het hele idee, de hele context waarbinnen dat woord gebruikt wordt. En de manier waarop over vluchtelingen wordt gesproken. Alsof het geen mensen zijn zoals jij en ik.

De afgelopen weken volgde ik een Crescas-cursus, gegeven door rabbijn Yanki Jacobs. Drie lessen over het chassidisme, het ontstaan, de Baal Shem Tov, Satmar, Lubavitch. Elke les begon de docent met een kaart van Oost-Europa waarop hij aanwees waar de betreffende chassidische gemeenschap ooit vandaan kwam. Ooit, want in de voormalige stetls is nu geen Jood meer te bekennen. Deels doordat ze de pogroms eind 19e/begin 20e eeuw niet overleefden, deels doordat ze wisten te ontkomen. Grote chassidische gemeenschappen vind je nu in Monsey, Kiryas Joel en in buurten als Williamsburg, Crown Heights en Borough Park in Brooklyn. Hoe ze daar terecht zijn gekomen? Laten we het erop houden dat ze geen vakantiereisje gingen maken. Al deze Joden waren vluchtelingen. En zonder het verleden te idealiseren: gelukkig werden ze niet met maximaal geweld tegengehouden, ook niet met meer geweld dan ze in Oost-Europa hadden ondervonden.

Dit moest ik even kwijt. Nu ga ik een goede fles opentrekken.

Je liefhebbende vader,

Michel


Deze brief verscheen eerder als column in het NIW (Nieuw Israëlietisch Weekblad) van 29 mei 2026.